zondag 27 juli 2008

Tijdelijk Leiderschap?



Het peloton interim-managers, projectleiders, organisatieadviseurs, gedetacheerden, coaches dat als externen in organisaties rondloopt, groeit nog steeds. Niet in de laatste plaats door het groeiend aantal zelfstandigen in de arbeidsmarkt, waaronder ook veel meer experts op HR, financieel en marketingterrein dan tien jaar geleden. Jaap Schaveling richt zich in zijn boek 'Tijdelijk leiderschap. Dienstbaarheid aan mens en organisatie' op deze brede doelgroep. Een mooi en actueel onderwerp, want dat groeiende peloton roept nieuwe vraagstukken op over continuïteit van kennis binnen organisaties, loyaliteit en de betrokkenheid van externen.

Een opiniestuk in het NRC in februari van dit jaar onder de titel 'De schaduwkanten van de freelancemoraal' ging in op vragen rond externen en lokte veel reacties uit. Het werken als interim-manager of anderszins externe vergt ook een andere aanpak, een andere manier van werken dan wanneer je in loondienst werkt. Met interesse stortte ik mij dan ook op het boek 'Tijdelijk leiderschap' van Jaap Schaveling, die verbonden is aan Nyenrode en daar onder andere het programma Professioneel Interim Management verzorgt.

Om maar met de deur in huis te vallen: 'Tijdelijk Leiderschap' is een nuttig boek, maar de titel dekt nauwelijks de lading van het boek. Tijdelijk leiderschap is niet zozeer het onderwerp van het boek, maar veel eerder de structuur voor Schaveling om zijn visie op verschillende aspecten van management en leiderschap uit te dragen. Het ontbreken een consequente koppeling met tijdelijk leiderschap maakt het een boek over sec leiderschap.

Langs de gebruikelijk fases van een opdracht (oriëntatie, verkenning, uitvoering, afronding) behandelt Schaveling een groot scala van theorieën van de groten der aarden op managementvlak. Deze goed leesbare bloemlezing vult Schaveling aan het bespreken van de meer psychologische aspecten van het onderwerp leiderschap. Het is duidelijk dat hij zich daarbij veel meer op eigen terrein begeeft. In (sub)hoofdstukken als 'Het innerlijke werkmodel', 'Systeemdenken', 'Doordringendheid van de context' komt Schaveling pas goed los. Hij haalt dan inzichten naar voren die in menig managementboek achterwegen blijven. En dat is zeker waardevol en aanvullend, zeker bij de mainstream Amerikaanse managementliteratuur. Daarbij wel aangetekend dat deze stukken uit het boek niet altijd even toegankelijk zijn en Schaveling soms te ver uitwijdt. Zo kan het werken met het concept 'Organisatieopstellingen' een zeer nuttige interventie zijn, maar laat zich toch slecht beschrijven in een anderhalve pagina.

Ronduit teleurstellend is het, dat Schaveling maar in enkele subhoofdstukken een koppeling maakt tussen zijn visie op leiderschap en de specifieke kenmerken rondom het tijdelijk aanwezig zijn in organisaties. In het hoofdstuk over systeemdenken geen enkele aandacht voor de specifieke positie van externen in het systeem. Geen aandacht voor bijvoorbeeld commerciële, ethische dilemma's waar externen tegenaan kunnen lopen. Geen behandeling van de genoemde schaduwkanten van tijdelijk management en experts.

In het hoofdstuk 'Pas je in de context?' is er helaas geen aandacht voor wat ik in een eerdere context wel 'de interim-paradox' heb genoemd: interim-managers zijn vaak van nature zichtbare solisten. Ze zijn gericht op snel resultaat, terwijl -zo onderschrijft Schaveling zelf- organisaties vaak behoefte hebben aan dienstbare managers gericht op langetermijneffecten. Tekenend is dat Schaveling een van de grootste en meest heikele onderwerpen van tijdelijk leiderschap, namelijk de borgings- en afrondingsfase, bespreekt in vier magere pagina's.

Kort gezegd: een nuttig boek, met aandacht voor vaak onderbelichtte aspecten van leiderschap, maar het woord 'tijdelijk' had gerust uit de titel kunnen weggelaten kunnen worden.

Geen opmerkingen: